Het einde komt helaas in zicht
11-13 januari
Het zonnetje schijnt en na het ontbijt halen we twee scooters. Of we ook een international driver license hebben vraagt hij nog. Nee, maar dat hadden we elders ook niet nodig, dus dat zal wel meevallen. If anything happens with the police it is at your own risk, waarschuwt hij maar wij gaan vol goede moed op pad.
Na een ruim een uur lopen we in de val…een politiefuik en wij worden eruit gehaald. Shit…want Henk heeft nog wel een rijbewijs bij zich, maar Bettina heeft die van haar ook nog thuis laten liggen. De politieman legt uit dat we een rijbewijs moeten hebben (Indonesiërs hoeven geen rijbewijs voor hun scooter alleen fietsles voor de balans…)maar wij wel. Wij blijven rustig en lacen lief, vragen onnozel waar we zo'n internationaal rijbewijs kunnen kopen en doen als of we van de duvel geen kwaad weten, maar toch...We krijgen 250.000 boete (ruim 20 euro) en zijn allang blij, want hij had ons het dubbele met gemak kunnen aanrekenen. Henk geeft aan nu niet verder te willen. Stel dat we weer op een controle stuiten, moeten we dan uitleggen dat we al een bekeuring hebben gehad en nog steeds doorrijden?? Balen, maar hij heeft wel gelijk, dus wij gaan terug. ’s Middags zwemmen we in het zwembad, nemen een heerlijke massage met een verzachtende bodyscrub en eten ’s avonds lekker in een restaurantje. Het regent inmiddels weer..
De volgende ochtend huren we een auto met chauffeur (ja..wij hebben ons lesje geleerd, komen die dag ook nog twee van die fuiken tegen) en gaan met hem op pad. We bezoeken een batikfabriek, waar ongeveer vijf mensen aan het werk zijn en er verder vooral een heel grote verkoophal is J, een zilverfabriek en wat wel leuk is een steenhouwer. Het is nog steeds mooi weer, maar tegen 12 uur begint het te regenen en de ene bui volgt op de andere. Vervolgens rijden we naar het zuiden om een tempel te bezoeken, Pura Luhur Ulu Watu.
De tempel staat op een rotspunt en kijkt uit over zee. De zee stort zich met veel geweld op de kliffen wat een mooi gezicht oplevert. Ook zijn er weer veel aapjes en men waarschuwt voor deze aapjes. Maar als je ze geen eten geeft, laten ze je heerlijk met rust dus wij hebben er geen last van.
Daarna gaan we terug naar ons hotel. Wat opvalt aan het zuiden is dat het veel drukker is dan het noorden. De natuur is er daardoor ook veel minder mooi vinden wij. Eigenlijk rijden wij constant door woonwijken. Denpasar, Kuta, Legian en Sanur zijn als het ware aan elkaar aan elkaar vast gebouwd, terwijl het kaartje laat zien dat het vier afzonderlijke steden zijn. Nou, dat valt dus tegen.
’s Avonds wordt het weer droog. Maar of het nou regent of niet, de temperatuur blijft gewoon heerlijk en de regen is ook niet zo koud als thuis…
Vanochtend is het droog en de zon breekt door. Yes!!! Stranddag! Om 11 uur liggen we lekker op ons zonnebedje te genieten van de zee het strand, mensen kijken en zonnebaden. Dit houden we vol tot na 3 uur en gaan dan naar ons hotel. Inmiddels is hier een groep overwinteraars aangekomen uit Nederland en daardoor wordt de gemiddelde leeftijd ineens erg oud. Maar gelukkig hebben we daar, met uitzondering van bij het zwembad, geen last van. Onze kamers liggen in tuinen met veel privacy J. We hebben in ieder geval de gemiddelde leeftijd in het zwembad flink naar beneden gehaald toen we daar nog even in plonsden om af te koelen…
Morgen worden we om 16.30 uur opgehaald om naar het vliegveld te gaan en dan is het voorbij met de pret. Bij jullie thuis is het dan 9.30 uur. We landen de volgende dag om 6.15 uur op Schiphol. Voor we thuis zijn hebben we dan weer een reis van meer dan 24 uur erop zitten. Het leuke is dat we dan weer thuis zijn, maar als het kon waren we gebleven en hadden we iedereen over laten komen. Of een andere optie: we hadden het Balinese weer ingepakt en mee naar huis genomen, want het is erg prettig en na twee dagen ben je helemaal gewend aan dit klimaat. Dat van Nederland duurt inmiddels ons hele leven en we zijn er nog niet aan gewend.
Nou, tot snel allemaal en heel erg bedankt voor alle leuke reacties in ons gastenboek.
Liefs,
Henk en Bettina
Na regen komt zonneschijn
Met tegenzin nemen we 8 januari afscheid van Putu en Komang. We gaan naar Padang Bai. Volgens Lonely Planet een leuk vissersdorpje, tevens ook de haven naar Lombok. Na ruim 4 uur rijden komen we daar aan. Onderweg regent het en we worden opgehouden door diverse tempelceremonies. Na wat zoeken komen we een leuke homestay tegen met mooie cottages en een zwembad. Het regent nog steeds…
Na een late lunch verkennen we het dorpje en we weten niet of het door het weer komt, maar we vinden de plek vreselijk . De mensen onverschillig, overal is het een puinhoop en het strand valt ook vreselijk tegen. We besluiten dat we de volgende dag naar Sanur gaan. De rest van de dag wordt het niet weer droog. Na een lekker nachtje slapen worden we wakker en het regent. Of het nog steeds regent of alweer laten we in het midden, maar het regent behoorlijk. We gaan met de shuttle naar Sanur en daar zijn we in een uurtje. Sanur is wel even anders dan Lovina, het is er erg toeristisch. Iedere toerist loopt met paraplu of poncho want het regent nog steeds. Wij struinen de hotels af want er moet toch zeker plek zijn. Of het is er niet of het is te duur, dus na onze opties bekeken te hebben schuilen we in een cafeetje en pakken we internet erbij. Via internet vinden we een naar het lijkt mooi hotelletje met zwembad. En inderdaad het is een prachtig plekje. Hoewel het nog steeds regent, duiken we het zwembad even in om af te koelen. Ook deze dag wordt het niet droog en de buien variëren van zwaar tot zeer zwaar. Tja…wij wilden toch regentijd??
Als we vanochtend wakker worden regent het nog steeds, slik…het wordt toch nog wel eens droog? Maar ja hoor…een uurtje na ons ontbijt wordt het droger en komt er een waterig zonnetje door de bewolking. Hoewel het nog steeds wat drupt, is het droog genoeg voor een lekkere strandwandeling. Na ruim een uur is het inmiddels zo opgeknapt dat we besluiten door de winkelstraat terug naar ons hotel te gaan en naar het strand te gaan.
We liggen lekker de rest van de middag onder een parasolletje op een ligbed te genieten van de zon en de zee. Nu om 21:17 is het nog steeds erg warm en ook nu hebben we weer een bescheiden buitje.
Als het morgen goed weer is gaan we voor een dagje weer scooters huren zodat we erop uit kunnen trekken.
Scooteren en relaxen
Als we 5 januari ’s ochtends wakker worden hebben we een strak blauwe lucht. We gaan dus weer snorkelen met Putu! Met de zon is het inderdaad nog mooier. De vissen hebben fellere kleuren en je kunt verder zien. Na het snorkelen mogen we de spullen meenemen. Bij het huis van Putu’s moeder is ook een klein rif en dat gaan we bekijken. Hier zien we weer andere vissen, zee-egels, grote zeesterren en ook vreemde dieren. De rest van het dag relaxen we op het strand, massage, vruchtensapje…ach zo gek is het leven hier nog niet.
6 januari is het bewolkt als we wakker worden. Een goede dag voor scooteren. We willen naar de Mundukwaterval en naar Air Panas, een heet waterbron. We proberen via de bergen de weg naar Munduk te vinden, maar dat lukt ons niet helaas. We krijgen het alleen voor elkaar dat de scooters bijna verzuipen omdat ze zo stijl omhoog moeten dat ze het bijna niet aan kunnen. We besluiten dan maar om te rijden. Als we bijna in Seririt zijn, blijkt Henk een lekke band te hebben. Na ongeveer 200m vinden we een mechanic die er voor 4.000 rp (nog geen 4 euro) een nieuwe binnenband in zet. Na een lange omzwerving weten we eindelijk de waterval te vinden. Hij is gelegen in mooie natuur en het is er lekker rustig. Daarna gaan we op weg naar Air Panas, bij Banjar. Ook dat is weer een hele zoektocht, maar we vinden hem. Daar gaan we lekker zwemmen in het warme water (40 graden). Op de terugweg kopen we lekker vers fruit en gaan we naar ons huisje. We zijn nog maar net thuis of er barst een ongelooflijk onweer los. Het knalt, het flitst en het regent ontzettend hard. In een mum van tijd staat het straatje blank en ook ons huisje weet het niet helemaal droog te houden. Na een uur houdt het weer op en is het net alsof er niks gebeurt is. ’s Avonds drinken we een koude Bintang bij Tropis bar aan het strand. Bettina’s heit is vandaag 65 geworden, dus dat moesten wij natuurlijk ook even vieren!!
Vandaag is het onze laats te dag in Kalibukbuk. We vullen de dag met heerlijk niks doen aan het strand. Ook bezoeken we een steenfabriek die we onderweg eerder tegenkwamen. De stenen worden handmatig gemaakt en op een aparte manier gebakken. Alles gebeurt in de buitenlucht. We hebben hier een fantastische tijd gehad bij Komang en Putu. Putu heeft ons veel verteld over de gewoonten en gebruiken in Bali. Komang heeft elke avond erg lekker voor ons gekookt en hun gastvrijheid heeft, samen me alle andere lieve en vriendelijke mensen hier ervoor gezorgd dat Lovina een onuitwisbare indruk op ons heeft gemaakt. Morgen vertrekken we naar Padangbai aan de oostkant van Bali op zo’n 10 km van Candidasa. We hebben nog een kleine week voordat we weer naar huis ‘moeten’…..
Een heus aquarium
We slapen vanochtend tot 7 uur en hebben besloten dat we het vandaag rustig aan doen. We hebben om 9.00 uur met Putu afgesproken. We zullen dan met hem snorkelen! En ja hoor, om 9 uur regent het natuurlijk maar toch stappen we op de scooter en gaan we naar de boot. Binnen 10 minuten zijn we bij het koraalrif. Putu legt ons uit hoe het werkt met de snorkel en dan trekken we de flippers aan en begint ons snorkelavontuur. De eerste 10 minuten is het snorkelen even wennen, want is dat ding echt wel waterdicht en hoe gaat het dan met ademen…Na wat gestuntel gaat het goed en gaan we het prachtige koraalrif onder ons verkennen. Wat zijn er veel verschillende vissen en wat een mooie kleuren, heel finding Nemo komt voorbij. Putu heeft brood meegenomen en de vissen eten gewoon uit onze handen!! Het is erg bijzonder. Hoewel de zon niet schijnt en het een beetje regent is het toch prachtig. Soms zit het koraal maar zo’n 30 cm onder ons. Putu vertelt ons dat als de zon schijnt het nog veel mooier is, dus we houden nog wat tegoed. De rest van de dag gaan we het rustig aan doen.
Na de lunch gaan we een stukje lopen en lopen we tegen een resort in aanbouw aan. Daar krijgen we een rondleiding van de baas. Wauw en superdeluxe. We kunnen daar al een appartement kopen voor 75.000 euro en een villa met drie supergrote slaapkamers, met elk een eigen badkamer, een eigen zwembad, tuin, grote living echt supersuperluxe kost 225.000 euro, supermooi ingericht en al. Het is om je vingers bij af te likken maar toch denken wij dat wij ons meer thuis voelen tussen de cheap-cheap in plaats van 5-sterrensnobs. We bekijken de huizen samen met nog een stel nederlanders en ook zij vinden het interessant, maar ook voor hen is het niets. We sluiten de dag af met een bezoekje aan het strand en natuurlijk een heerlijke maaltijd van Komang. Als morgenochtend de zon schijnt gaan we weer snorkelen, zo niet dan gaan we weer scooteren…
Dol fijn
Vanochtend staat het wekkertje al vroeg (5.25 uur) want we gaan dolfijnen spotten!! Gisteravond gaf Putu aan dat de zee nogal ruw was en als dat vanochtend ook zo was dat we dan de zee niet op zouden gaan. Gelukkig worden we niet voor niks zo vroeg wakker en we gaan met Komang op de scooters naar de boot. Ze zet ons af bij het huis van de ouders van Putu. Dat is wel even wat anders dan waar Putu en Komang wonen. Een eenvoudig huisje met een dak van golfplaten, onverhard, kippen en honden die overal rondlopen, tja dat is wel even wennen. Komang heeft al verteld dat Putu 5 broers en een zus heeft en dus een grote familie heeft.
Putu komt er al aan met zijn bootje, een prahu genaamd. Dit is een traditionele Balinese boot. De boot is zo smal als een kano maar heeft twee grote armen op de zijkant van bamboe. Daardoor heeft het wel iets weg van een catamaran. Een enorme motor a la staafmixer maakt het plaatje compleet. Al snel is de zee vol met deze bootjes en kiezen we het volle sop. Nadat we ruim 2 kilometer uit de kust zijn begint het feest met de dolfijnen. Het is een klein soort, Khi-khi’s genaamd. Zodra een groepje dolfijnen zichtbaar is gaan de bootjes allemaal dezelfde kant op. Het is een prachtig gezicht. Ze zwemmen tussen de bootjes door, springen, duikelen en zijn weer weg. Het is net alsof ze ons voor de gek houden. Overal hoor je ooh en aah, hoor je motortjes optrekken want wie het eerste er is, heeft natuurlijk het mooiste zicht. Het is erg grappig maar erg vredig is het natuurlijk niet.
Na ruim 2 uur varen we rustig terug, we hebben onze voetjes in het warme zeewater, de zon schijnt heerlijk en hebben zo mooi zicht op Bali. Als we terug zijn heeft Komang weer een lekker ontbijt van wentelteefjes, honing en Balinese koffie klaar staan. Heerlijk…
Na het ontbijt gaan we op de scooter richting Singaraja en vanuit Singaraja gaan we de bergen in. Eerst nemen we een kijkje bij de GitGit-waterval. Bij Wanagiri nemen we een Bakso Ayam (kippensoep) en tuffen we door naar Puru Ulun Danu. Dit is een tempel die gebouwd is aan de oevers van het Bratanmeer. Het Bratanmeer ligt in een oorspronkelijke vulkanische krater. Doordat het Bratanmeer op ongeveer 1300 m ligt is het er lekker en de weg er naartoe was soms bijna koud. De terugweg nemen we een andere route over een klein weggetje. Het gaat voorspoedig totdat de onderhoudsdienst zijn werk niet op tijd heeft opgepakt. De weg is enorm slecht en is meer rots en stenen dan daadwerkelijk asfalt. Met de remmen volledig ingeknepen en met de voetjes naast de scooter komen we een heel eind, maar spannend is het wel. We zijn zo vermoeid van de rit, dat we na het heerlijke eten van Komang al om 20.30 uur in ons bedje liggen…
Afscheid van Ubud en op naar Lovina
We hebben weer internet, dus daar gaan we weer :).
Op 1 januari zijn we om 10.00 uur vertrokken naar Lovina Beach (Kalibukbuk). Lovina Beach bestaat uit allemaal dorpjes en wij zitten in Kalibukbuk. Onze chauffeur is een aardige man en weet ons veel te vertellen. Het is druk op de weg want veel Balinesen zijn vrij en gebruiken de dag voor een uitstapje. Hele groepen met dezelfde shirts aan houden het verkeer op. De weg kan ook wel een opknapper gebruiken, dus 40 of 50 is al gevaarlijk snel. We rijden via de Baturvulkaan en de chauffeur vertelt ons dat die nog in 2006 is uitgebarsten.
Na ruim 3 uur zijn we waar we moeten zijn: bij Putu en Komang. Best spannend, want we slapen nu bij een Balinese familie. Nederlanders hebben er een bungalow in de tuin. Als we aankomen wachten Putu en Komang ons al op en heten ons hartelijk welkom. Onze bungalow ziet er ontzettend leuk uit. We hebben een zitje, een keukentafel, wederom een heerlijk groot bed. Alleen de tuin is iets minder mooi dan in Ubud, maar hier is weer zee!
We weten dat Komang voor gasten wil koken maar als ik vraag kijkt ze geschrokken: No, before cooking I have to go to the market and I did not today!. We spreken af dat ze de volgende dag voor ons zal koken.
We verkennen de omgeving en halen badlakens want die waren we vergeten. Was het in Ubud warm, hier is het nog veel warmer en benauwder (en wij maar denken dat het aan zee beter zou worden J). Halverwege de middag betrekt de lucht en ja hoor…we hebben een bui. Een beste bui! We zijn moe en gaan even liggen want wat moet je anders. We zullen om 17.30 uur met Komang naar het strand om de zonsondergang te zien.
Om 21.00 uur schrikken we wakker!! Weg zonsopgang, maar het is wel droog. Lopend gaan we het dorp in en eten wat nasi bij een warung. ’s Nachts slapen we weer even lekker!
De volgende morgen zijn we rond 7 uur wakker en verzorgt Komang ons ontbijt. Heerlijke zoete pannenkoeken met banaan en honing en echte Balinese koffie. De zon schijnt en de lucht lijkt strakblauw. We besluiten een paar scooters te scoren, paraplu’s en poncho’s. Bij de minimarket kunnen we alles voor een fractie van wat het bij het strand kost krijgen. We vinden twee mooie scooters en gaan een eindje touren. ’s Middags liggen we een paar uur aan het strand. ’s Avonds zal ik Komang helpen met koken.
Als ze me roept is ze al bezig met de sate en veel is al klaar. Ze heeft superlekker voor ons gekookt: kipsate met pindasaus, sate van tonijn en kokos, gadogado, frikadel (mais en soya gefrituurd) en lekkere witte rijst. Alles is even lekker en we spreken dan ook direct af dat ze de morgen weer voor ons kookt.
Een waterrijke dag....
De laatste dag van het jaar. We slapen ’s nachts nog steeds slecht, maar dat mag de pret niet drukken. Het is 's nachts heerlijk buiten :) . We gaan vroeg op pad richting Puru Gulang Kawi, Puru Tirta Empul en wat al nog meer. We willen niet langs de grote weg, dus gaan we via binnenweggetjes. De omgeving is werkelijk adembenemend. Alles is groen en bloeit, we komen langs veel rijstvelden waar boertjes aan het werk zijn, rijst ligt te drogen aan de kant van de weg, vrouwen lopen langs de kant van de weg met manden op hun hoofd en iedereen lacht even vriendelijk. Uiteraard is het hopeloos lastig om te vinden wat we zoeken want bewegwijzering is er niet. Uiteindelijk komen we, na minimaal 10 kilometer omrijden, bij Puru Gulang Kawi aan. We verwachten de koningsgraven te zien die de reisgids ons belooft, maar los van een tempel, en een badhuis voor de locals vinden weinig koningsgraf. Toch maar even verder rijden. Wat we willen vinden krijgen we niet te zien, maar we komen wel een erg schunnig verbodsbord tegen. (de foto plaatsen we nog). Toen op naar Puru Tirta Empul, een van de belangrijkste bedevaartsoorden van Bali. We rijden weer wat doelloos rond en uiteindelijk moeten we tanken. We kunnen geen tankstation vinden en vragen twee meisjes. Die brengen ons er naartoe. We staan er nog geen 100 m vanaf. Het tankstation is niet meer dan 5 jerrycans met benzine die met een litermaat in de scooter wordt gegoten. Bij Puru Tirta Empul is het een drukte van belang. Als wij aankomen start er net een processie. Met veel offerrandes, muziek en een grote stoet wordt een soort draak/demon weggedragen. Bij Puru Tirta Empul kunnen mensen zich baden met heilig water uit een bron die daar ontspringt. Daar wordt gretig gebruik van gemaakt door de Balinezen. Wij als toeristen mogen toekijken. Dan begint het te regenen en zoeken we een schuilplekje, maar het is al snel weer droog. We hebben nog steeds de ‘koningsgraven’ niet gevonden en eigenlijk willen we die niet missen, dus we zoeken verder! Na een lunch bij een warung rijden we er min of meer tegen aan. Parkeren, ons door de verkopers heen worstelen 500 treden naar beneden (misschien waren het er maar 300 maar ach) en dan kunnen we ze gaan bewonderen. 7 meter hoge ‘graven’ eigenlijk zijn het herdenkingsmonumenten in een nauw dal, omsloten door allemaal jungle. Het is er prachtig, maar we hebben nog niet echt kans gehad om ze te bekijken of het begint te regenen. Maar even schuilen…Anderhalf uur later zitten we er nog, en het regent nog geen spatje minder dan anderhalf uur daarvoor. Geen paraplu (heb je ook zo weinig aan op een scooter), geen poncho (dom,dom) en het ziet er niet naar uit dat het droog wordt. Dan maar dapper zijn en in de regen terug. We wilden toch zelf zo’n regenseizoen meemaken?? Dus zo snel als we kunnen een 500 traptreden weer omhoog en op naar de scooters, snel de helm op en racen maar. We rijden de normale route terug, want dat is 13 kilometer. Met zo’n 40 km per uur wordt je toch al snel heel nat. Gelukkig is de regen iets minder koud dan in Nederland, om van de temperatuur maar te zwijgen. Als twee verzopen katten komen we aan bij ons hotel, we krijgen de kleren maar amper uit. Snel onder de douche en droge kleren aan. Een uurtje later is het droog. Als goedmakertje gaan we naar een spa waar we een heerlijke balineze massage krijgen en Henk een spicescrub krijgt en ik een lekkere honingscrub. Heerlijk, heerlijk, eerst een uur masseren met honing, daarna lekker scrubben en tot slot thee met fruit in een lekker warm bad vol met bloemblaadjes. Het is al na 22.00 uur als we in een restaurantje genieten van weer een voortreffelijke Indonesische maaltijd. Morgen gaan we naar Kalibukbuk bij Lovina Beach. Ubud was geweldig en we hadden best nog wat langer willen blijven, maar het is net oars.
Voor jullie is het waarschijnlijk nog wat vroeg maar voor ons is het over een kwartiertje al 2012. We willen jullie dan ook een fantastisch Nieuwjaar toewensen. We gaan nu genieten van het mooie vuurwerk, toedels!
Groetjes,
Henk en Bettina
Op de scooter
We zijn vroeg wakker en moeten vandaag verhuizen naar een andere, luxere kamer. We vragen om koffie bij het ontbijt, en die krijgen we. Het is gemaakt van poeder of zo, want dat blijft achter in de kopjes maar de smaak is redelijk, hoewel het geen koffie is waar wij bij Oops zo van konden genieten...
Na het ontbijt kunnen we naar onze kamer op de 1e verdieping en daar beleeft Bettina toch even een Zalandomoment: een hemelbed, een regendouche, een bad en een fantastisch uitzicht op de vulkaan!! Zucht wat is vakantie toch fijn....
Vanochtend besluiten we scooters te huren om de omgeving van Ubud te verkennen. Tegenover onze homestay worden scooters verhuurd. Geen plichtplegingen, maar naam noteren, betalen en crossen maar!
We weten precies waar we naar toe willen, alleen moeten de Balinezen nog wegbewijzering uitvinden. We kopen een kaart bij Mr. Tom en hij vertelt ons precies hoe we bij Goa Gaja moeten komen, maar na drie keer lept and right ben zijn wij het spoor bijster. Ervan uitgaande dat wanneer je links rijdt je ook linksaf slaat als er geen richting wordt aangegeven is dan ook behoorlijk logisch. Niet dus...na ruim een kwartier komen we in een druk dorp aan, maar daar weten ze ons te vertellen dat wij the other direction moeten nemen, dus gaan we terug.
Na veel rondvragen vinden we eindelijk Goa Gaja. Goa Gaja is een soort van grot met een prachtig bewerkte ingang. Boven de ingang is de kop van een demon uitgehouwen. Ervoor staan 6 waterspuwers in waterbekken. Hoewel het niet superbijzonder is, ligt het wel in een prachtige jungle. Overal vliegen grote vlinders, grote bambuplanten, veel water, echt idyllisch. Voor anderen zijn wij de attractie. We zijn met twee families op de foto geweest. Of dat nou komt omdat we groot zijn, blauwe ogen hebben of omdat we zo wit zijn, wij weten het niet maar grappig is het wel.
Vervolgens crossen we door naar Yeh Pulu, volgens de reisgids2 kilometer verder. Ook dat kunnen we niet vinden. Bij een warung vragen we de weg, en we moeten terug. Wij hebben trek en Henk durft het aan daar te eten en dat zegt heel wat. Bettina durft altijd alles, vandaar. Maar goed, wij schuiven aan tafel bij 6 smakkende en met de handen etende Balinezen. Bettina moet dus om links denken want links is je poephandje en dus vies...Wij krijgen een bord rijst met van alles en nog wat van definieerbaar tot ondefinieerbaar en beter niet willen weten...We nemen van het meeste een hapje maar sommige dingen gaan zelfs Bettina te ver. Ook het eten met rechts gaat behoorlijk goed. Maar over all is het erg lekker en spicy!
We rijden terug en vragen nogmaals de weg. ‘Three kilometers en than turn to the right'. We gaan vol goede moed op weg, maar besluiten toch eigenwijs een andere weg in te slaan. Daar weer vragen en blijkt dat wij lept af hadden moeten slaan (Balinezen kunnen geen f uitspreken).
Maar daar is dan toch eindelijk Yeh Pulu. Bij Yeh Pulu is een groot rotsrelief te zien met allemaal gebeurtenissen uit het leven van Krishna. Ook hier weer veel rijstvelden en een prachtige natuur.
Daarna scooteren we lekker door de omgeving. 's Middags nemen we een paar uurtjes om lekker te lezen. Tot slot drinken we bij Oops weer lekkere koffie en vieren de vakantie met een stevige Mojito!